1e editie - november 2015

Bij de gratie van de ander

Afbeelding 1

 

Bij de gratie van de ander

Het is de eerste echte koude ochtend in november en de zon schijnt. Een mooie ochtend om te beginnen met mijn nieuwe opdracht ‘Man rijdt rond’. Op zoek naar verhalen achter de voordeur. Ik begin op één van de mooiste plekjes in onze regio; de historische haven van Woudrichem. Bij het eerste schip klim ik aan boord.

HalloDeur De Fijter
Met een klop op de deur en een vriendelijk ‘Hallo!’ kondig ik mezelf aan. Een hond blaft en een vrouw in een witte jas doet open. Ik zie al snel dat het de zuster is. Ik leg uit waarom ik kom en mag binnenkomen. Op het schip woont een man die zich voorstelt als Otto de Fijter. Hij ligt op een bed in de woonkamer. Het is duidelijk dat hij ziek is en dat het bed permanent in deze kamer staat.

24 uur per dag
“Ik heb taaislijmziekte. Hierdoor lig ik 24 uur per dag op bed. Eigenlijk functioneer ik alleen maar tussen 13 en 17 uur. Ik kan mezelf wassen, douchen en scheren. Maar als ik dat doe moet er wel iemand aanwezig zijn omdat mijn hart zwak is.” Veel meer kan hij niet. Ondanks deze harde realiteit zie ik dat Otto helemaal niet ongelukkig of terneergeslagen is. Integendeel; hij is levendig en straalt positiviteit en energie uit.

Gratie
Na wat uitleg over het schip en zijn werk als ontwerper vertelt hij over zijn eigen vrijwilligerswerk. Zoals fotografielessen bij De Vleet, het werk bij de EHBO en het Rode Kruis, het interkerkelijk jeugdwerk en het Genootschap der Woerkumse Toal. Dit kan hij nu niet meer. Otto is blij dat hij nog op zijn schip kan wonen. “Bij de gratie van alle mensen die mij helpen kan ik hier wonen. Zonder die mensen lag ik nu in een verpleeghuis. Als ik mijn verjaardag vier dan nodig ik de mensen uit die mij helpen. Dit zijn de mensen die meer dan 3 keer per jaar langskomen. Anders wordt het echt te druk. Er zijn dan zeker 40 mensen.”

Wanneer het schikt
“De thuiszorg komt 5 keer per dag. Daar ben ik erg dankbaar voor. Verder zijn er dus tientallen mensen die hier regelmatig binnenvallen. Ze komen mijn hondje uitlaten, een praatje maken en klusjes doen. Zo’n schip is veel werk. Er moet buiten schoongemaakt en geschilderd worden. Maar er is ook technisch onderhoud nodig. Dat kan ik niet zelf. Al die mensen helpen mij. Ze komen gewoon wanneer het hen uitkomt. En alles loopt prima.”

Gezelligheid
Nadat de huisarts even langs geweest is komt José. Ze loopt binnen, schudt mij de hand en geeft Otto een zoen. Ze zegt dat ze Sola, de hond, even gaat uitlaten en verlaat het schip. Even later pakt ze een stoel en komt bij ons zitten. “Otto is een aimabele en sociale man. Ik kom 1 à 2 keer per week langs. Gewoon voor de gezelligheid. Tuurlijk doe ik weleens iets, maar het is vooral fijn om elkaar te spreken.”

Klaag niet
Otto sluit daarbij aan. “Ik vind het geweldig dat deze mensen mij allemaal helpen. Afgelopen zomer hebben ze ervoor gezorgd dat ik met het schip 10 dagen naar het Rijswijks strandje kon. Dat is veel geregel. Er moest 24 uur per dag iemand bij mij zijn. Het was heerlijk.” Ik vroeg me af hoe het komt dat al deze mensen hem helpen. “Ik denk dat ze het leuk vinden hier. Wat ik belangrijk vind is dat ik niet te veel over mijn ziekte praat. Bovendien klaag ik niet. Ik geef de mensen graag iets terug. Liefde en aandacht is mijn vorm van wederkerigheid.”

Afbeelding 3